BETWEEN ME AND YOU Hoi, I’m Nina, welcome to my website. I’m an artist based in Amsterdam. My practice derives from what I breathe in; worlds made up by you and me. I make use of various media to investigate, visualise and play with these worlds, ranging from living beings (plants, microbes, humans), textiles, audio, photography, performance, among others.
For a more formal description of my practice and my CV click here.
BETWEEN YOU AND ME I don’t know who you are. Perhaps we’ve met before or you stumbled on this website by coincidence. In any case, nice to meet you:)
If you’re interested in me or my work send an email to ninavanhartskamp@gmail.com, or message me on Instagram and introduce yourself.
Het Kleurenlab:
de Rode Beuk
Van augustus tot november 2025 vond het Kleurenlab plaats op De Heygraeff. Samen met bewoners en buurtgenoten onderzocht kunstenaar en botanisch verver Nina van Hartskamp welke kleuren vrijkomen uit de planten die hier groeien.
De rode beuk die je hier voor je ziet, was het laatste experiment in het Kleurenlab. We kozen juist deze boom vanwege zijn opvallende aanwezigheid op het terrein van De Heygraeff. Tijdens een gesprek met Robbie van de Groendienst bleek de boom nóg bijzonderder dan we dachten: hij staat hier waarschijnlijk al 120 tot 130 jaar — dus van vóór de komst van Reinaerde.
Deze beuk is zelfs zo uniek dat een Nederlandse boomkweker speciaal naar De Heygraeff komt om takken te enten én nootjes te verzamelen. Daardoor heeft deze boom waarschijnlijk talloze “kinderen” door heel Nederland heen — misschien ben je er ongemerkt wel eens één tegengekomen.
Momenteel is de beuk aangetast door de tonderzwam, een parasitaire paddenstoel. Als je goed kijkt, zie je de zwam onderaan de stam zitten. De aantasting verzwakt de boom langzaam, maar het exacte tempo van dit proces blijft moeilijk te voorspellen. De Groendienst heeft daarom de kroon ingenomen, zodat de boom minder wind vangt. Met deze zorg kan hij naar verwachting misschien nog zo’n 25 jaar mee — laten we het hopen.
Wij zijn in ieder geval blij dat hij er nog is, en dat we experimenten konden doen met de gevallen bladeren en de napjes van de beukennootjes.
De rode beuk was het zevende en laatste experiment.
Kun jij de andere zes bordjes van de plantenexperimenten vinden hier op het terrein?
Scroll verder om meer te ontdekken over de rode beuk, de uitkomsten van de verfexperimenten en de symbolische betekenis.
De rode beuk (Fagus sylvatica ‘Purpurea’) is een majesteuze bladverliezende boom uit de beukenfamilie, herkenbaar aan zijn dieprode tot paarse bladkleur. In Nederland komt hij vooral voor als sierboom in parken, lanen en grote tuinen. De rode beuk is een gekweekte variëteit van de gewone beuk (Fagus sylvatica), geselecteerd vanwege zijn opvallend purperrode blad. Omdat zaailingen niet altijd dezelfde kleur behouden, wordt de boom traditioneel vermeerderd door enten of stekken.
De rode beuk groeit het liefst op vruchtbare, goed doorlatende bodems en kan een hoogte bereiken van 25–35 meter. In de herfst verkleuren de bladeren naar warme koper- en bruintinten voordat ze afvallen. De boom produceert kleine, tweekantige beukennootjes, omsloten door een stekelig napje — een belangrijke voedselbron voor vogels en kleine zoogdieren.
Een gezonde rode beuk kan 150 tot 250 jaar oud worden — en in uitzonderlijke gevallen zelfs nóg ouder.
Historisch werden de schors, bladeren en het hout van de beuk op verschillende manieren gebruikt. De schors en bladeren bevatten veel tannines, waardoor ze geschikt waren voor leerlooien en het verven van wol en linnen in zachte bruin- en beigetinten. Het hout van de beuk staat bekend om zijn stevigheid en werd gebruikt voor meubels, gereedschap, keukengerei, en als brandhout.
Hoewel de rode beuk voornamelijk als sierboom wordt aangeplant, biedt hij ecologisch waardevolle schuilplaatsen en voedselbronnen voor vele diersoorten.
Op 12 november, toen de rode beuk bijna al zijn bladeren had laten vallen, deden we het laatste experiment van het Kleurenlab. De gevallen bladeren waren inmiddels bruin in plaats van diep paars, en gaven in het pure verfbad een zachte oudroze-bruine tint.
Met koper of aluin ontstonden warme geel-bruine kleuren, en in een ijzerbad verscheen een grijzige toon. De napjes van de beukennootjes leverden weinig kleur op.
We hadden graag ook met de schors geverfd, maar wilden deze oude boom geen schade toebrengen — zeker niet met de winter in aantocht.
Puur verfbad: Kook plantmateriaal 3 uur in water met een proeflapje.
Verdelen: Verdeel het bad over drie potjes en voeg per pot een andere beits toe (aluin, ijzer, tannine of koper).
Rust: Laat de potjes een paar dagen staan.
Resultaat:
Puur = basiskleur
Aluin = helderder kleuren
IJzer = donkerder, grijzer
Koper = groene of rijke variaties
De rode beuk mag dan een later gecultiveerde variëteit zijn, toch draagt ze de eeuwenoude symboliek van haar soort met zich mee. In Europese tradities stond de beuk symbool voor wijsheid, bescherming en innerlijke helderheid. Beukenbossen golden als plekken waar je inzichten kon opdoen, beslissingen kon overwegen of begeleiding kon zoeken — niet voor niets werd de beuk in oude culturen soms een “leerkrachtboom” genoemd.
De diepe purperrode kleur van de rode beuk voegt daar een extra laag aan toe: in veel tradities staat purper voor intuïtie, transformatie en innerlijke kracht.
En wie weet — misschien doet deze oude rode beuk op De Heygraeff dat nog steeds:
een plek bieden voor bescherming, reflectie en een moment van helder inzicht.
Mocht je met een vraag rondlopen, of gewoon even tot jezelf willen komen,
ga dan gerust onder haar kroon zitten voor een kleine meditatie of een stille pauze.
Het Kleurenlab is onderdeel van het grotere project Re-Creatie Reinaerde en wordt gefinancierd door het Fonds voor Cultuurparticipatie.
Plantmateriaal (bijv. bladeren, bloemen, schors, wortels, schillen)
Pan om het verfbad in te koken
Proeflapjes van natuurlijke vezels (katoen, linnen, wol, zijde)
Drie potjes voor beitsvarianten
Beitsen (bijv. aluin, ijzer, tannine, koper)
Water
Plaats het gekozen plantmateriaal in een pan.
Voeg voldoende water toe zodat alles onderstaat.
Laat het mengsel 3 uur zacht koken met een testlapje erin.
Dit eerste verfbad noemen we het pure bad (puur).
Dit bad geeft de basis kleur van de plant zelf.
Verdeel het pure verfbad over drie potjes.
Voeg in elk potje een andere beits toe (bijv. aluin, ijzer, tannine).
Plaats in elk potje een proefstaaltje van textiel.
Elke beits reageert anders met de kleurstoffen en zorgt voor variatie in het palet.
Laat de potjes enkele dagen staan.
Tijdens deze rustperiode ontwikkelen de kleuren zich en verdiepen ze.
Na een paar dagen ontstaat het kleurenpalet van de plant:
Puur: de basiskleur van de plant
Aluin: maakt kleuren vaak helderder en frisser
Ijzer: verdiept en vergrijst tinten
Koper: geeft vaak groenige, warmere of verzadigde variaties (afhankelijk van de plant)
Puur verfbad: Kook plantmateriaal 3 uur in water met een proeflapje.
Verdelen: Verdeel het bad over drie potjes en voeg per pot een andere beits toe (aluin, ijzer, tannine of koper).
Rust: Laat de potjes een paar dagen staan.
Resultaat:
Puur = basiskleur
Aluin = helderder kleuren
IJzer = donkerder, grijzer
Tannine = warmere diepte
Koper = groene of rijke variaties