BETWEEN ME AND YOU Hoi, I’m Nina, welcome to my website. I’m an artist based in Amsterdam. My practice derives from what I breathe in; worlds made up by you and me. I make use of various media to investigate, visualise and play with these worlds, ranging from living beings (plants, microbes, humans), textiles, audio, photography, performance, among others.
For a more formal description of my practice and my CV click here.
BETWEEN YOU AND ME I don’t know who you are. Perhaps we’ve met before or you stumbled on this website by coincidence. In any case, nice to meet you:)
If you’re interested in me or my work send an email to ninavanhartskamp@gmail.com, or message me on Instagram and introduce yourself.
Het Kleurenlab:
de Pruikenboom
Van augustus tot november 2025 vond het Kleurenlab plaats op De Heygraeff. Samen met bewoners en buurtgenoten onderzocht kunstenaar en botanisch verver Nina van Hartskamp welke kleuren vrijkomen uit de planten die hier groeien.
De pruikenbomen die je hier voor je ziet waren het allereerste experiment. De Groendienst had deze struiken net gesnoeid toen het idee ontstond om het snoeiafval te gebruiken voor kleurproeven. Tot onze verrassing bleek de pruikenboom een echte verfplant met een lange verfhistorie — een toevallige ontdekking die de experimenten in het Kleurenlab in gang zette.
De Groendienst is onmisbaar in dit proces: zij onderhouden het groen op het terrein als onderdeel van dagbesteding. Je herkent hen aan hun donkergroene uniform. Spreek ze gerust aan; ze weten veel over de planten én over het groene leven op De Heygraeff en Dennendal, een andere locatie van Reinaerde in Den Dolder. Zonder hun zorg voor het groen en hulp waren de experimenten niet mogelijk geweest.
De pruikenboom was het eerste van zeven experimenten.
Kun jij de andere bordjes vinden?
Scroll verder om meer te ontdekken over de pruikenboom en de verfexperimenten.
De pruikenboom (Cotinus coggygria) is een bladverliezende struik uit de sumakfamilie, herkenbaar aan zijn donkerpaarse bladeren en de kenmerkende pluizige bloemtrossen die na de bloei veranderen in luchtige, draadvormige structuren. Deze ragfijne sluier deed mensen denken aan poederige pruiken — vandaar de naam pruikenboom, net als in het Frans (arbre à perruque). In het Engels heet hij smoke tree, vanwege het rookachtige karakter van de bloei.
Van nature groeit de pruikenboom op droge, kalkrijke hellingen van Zuid-Europa tot Centraal-Azië, maar in Nederland wordt hij vooral als sierstruik aangeplant in tuinen en parken.
Historisch gezien speelt Cotinus coggygria een bijzondere rol als verfplant. In het Middellandse Zeegebied werd hij al in de oudheid gebruikt; in Romeins textiel zijn sporen gevonden van de kleurstof fisetine. Vanaf de 16e eeuw verschijnt de plant in Europese kruidboeken en handelsregisters onder de naam young fustic, ter onderscheid van de tropische old fustic. In de 17e en 18e eeuw werd Cotinus op grote schaal vanuit Italië en de Balkan verhandeld als een betaalbare bron van gele verfstof voor wol, zijde en leer. Zelfs tijdens de Eerste Wereldoorlog werd de kleurstof in Turkije nog gebruikt om legeruniformen in olijf- en zandtinten te kleuren — gewaardeerd om haar lichtvastheid en brede beschikbaarheid.
In het Kleurenlab hebben we geverfd met het kernhout, de schors en de bladeren van de pruikenboom.
Het meest opvallende resultaat kwam uit het kernhout: dit bleek uitzonderlijk sterk te kleuren en gaf diepe gele tinten die — in combinatie met koper — onverwacht richting warm oranje en zelfs rood neigden. Een kleurverrassing die we niet hadden zien aankomen.
Het versnipperen van het kernhout was overigens een uitdaging, maar tijdens het open atelier kregen we versterking van bewoners en bezoekers van buitenaf, die met beitels en mesjes enthousiast aan de slag gingen.
De bladeren leverden lichtere gele tinten op en bleken rijk aan tanninen, waardoor ze ook als natuurlijke beits goed functioneren. In combinatie met ijzer ontstaan zelfs diep paars-zwarte kleuren, zeer geschikt voor ecoprints.
De schors gaf zachte geel- tot lichtbruine nuances.
Met de wortel zou je eveneens kunnen verven, maar we vonden het zonde om de struik daarvoor uit te graven.
Puur verfbad: Kook plantmateriaal 3 uur in water met een proeflapje.
Verdelen: Verdeel het bad over drie potjes en voeg per pot een andere beits toe (aluin, ijzer, tannine of koper).
Rust: Laat de potjes een paar dagen staan.
Resultaat:
Puur = basiskleur
Aluin = helderder kleuren
IJzer = donkerder, grijzer
Koper = groene of rijke variaties
In de Middeleeuwen en vroegmoderne tijd werd kleding geverfd met pruikenboom niet alleen om esthetische redenen: men geloofde dat de warme geel-oranje tinten beschermende eigenschappen hadden. Het dragen van stoffen geverfd met pruikenboom werd gezien als een manier om ongeluk of kwade invloeden af te weren. Om deze reden hebben wij ook een zijde blouse geverfd.
De boom zelf stond symbool voor volharding en veerkracht, dankzij zijn diepe wortels en droogteresistentie. De rookachtige bloei riep associaties op met magie, illusie en mysterie, waardoor de plant in volkswijsheden soms werd gezien als een beschermer tegen negatieve energieën. In de Balkan geloofde men dat de boom geesten kon aantrekken of juist afweren.
En misschien doet de pruikenboom dat hier op De Heygraeff nog steeds — goede geesten welkom heten, en de kwade vriendelijk buiten de deur houden.
Het Kleurenlab is onderdeel van het grotere project Re-Creatie Reinaerde en wordt gefinancierd door het Fonds voor Cultuurparticipatie.
Plantmateriaal (bijv. bladeren, bloemen, schors, wortels, schillen)
Pan om het verfbad in te koken
Proeflapjes van natuurlijke vezels (katoen, linnen, wol, zijde)
Drie potjes voor beitsvarianten
Beitsen (bijv. aluin, ijzer, tannine, koper)
Water
Plaats het gekozen plantmateriaal in een pan.
Voeg voldoende water toe zodat alles onderstaat.
Laat het mengsel 3 uur zacht koken met een testlapje erin.
Dit eerste verfbad noemen we het pure bad (puur).
Dit bad geeft de basis kleur van de plant zelf.
Verdeel het pure verfbad over drie potjes.
Voeg in elk potje een andere beits toe (bijv. aluin, ijzer, tannine).
Plaats in elk potje een proefstaaltje van textiel.
Elke beits reageert anders met de kleurstoffen en zorgt voor variatie in het palet.
Laat de potjes enkele dagen staan.
Tijdens deze rustperiode ontwikkelen de kleuren zich en verdiepen ze.
Na een paar dagen ontstaat het kleurenpalet van de plant:
Puur: de basiskleur van de plant
Aluin: maakt kleuren vaak helderder en frisser
Ijzer: verdiept en vergrijst tinten
Koper: geeft vaak groenige, warmere of verzadigde variaties (afhankelijk van de plant)
Puur verfbad: Kook plantmateriaal 3 uur in water met een proeflapje.
Verdelen: Verdeel het bad over drie potjes en voeg per pot een andere beits toe (aluin, ijzer, tannine of koper).
Rust: Laat de potjes een paar dagen staan.
Resultaat:
Puur = basiskleur
Aluin = helderder kleuren
IJzer = donkerder, grijzer
Tannine = warmere diepte
Koper = groene of rijke variaties